The Police – Don’t Stand So Close To Me (1980)

De samenleving leek vC (voor COVID-19) steeds knuffeliger te worden – met alleen een handdruk maakte Mats allang geen indruk meer bij het wederzien van bekenden – maar toen was ineens daar de anderhalvemetersamenleving. Mats moest continu met een grote boog om mensen heenlopen en vanaf veilige afstand zwaaien naar vrienden en familie. Het zorgde voor kortsluiting in zijn hoofd. 

In het nummer ‘Don’t Stand So Close To Me’ van The Police zingt Sting over een student en docent die gevoelens voor elkaar hebben, wat leidt tot ongemakkelijke situaties. Het is semi-autobiografisch: Sting vertelde in een interview dat hij als docent veel aandacht kreeg van studentes, maar wijselijk zijn handen thuis hield als 15-jarige meisjes verlekkerd naar hem keken. Los van deze betekenis gaat het nummer over ongemak en afstand moeten houden en is het daarmee eigenlijk de ultieme coronaplaat. 

(Lollig overigens dat The Police met ‘So Lonely’ eigenlijk nog een zeer geschikt coronaliedje in hun oeuvre heeft.)

Mats had op een regenachtige dag eindelijk weer eens met zijn kameraad Theo afgesproken. Ze zouden naar de kroeg te gaan. Het was begin juno 2020, dus eindelijk mocht het weer. En het werd ook wel weer eens tijd. Drie maanden kroegloos was goed voor Mats’ portemonnee, maar voor zijn gemoedstoestand niet bepaald. Dat zaterdagavonden niet bedoeld zijn om met je vrouw op de bank te zitten, was een opmerking die Theo per ongeluk naar zijn vrouw had geappt in plaats van naar Mats. Ze was zo verbolgen over die app dat ze hem het hele weekend niet meer wilde zien. Het gaf Theo een vrijbrief om daad bij woord te voegen en zo liepen Theo en Mats op deze bewuste avond hun stamkroeg naar binnen. Het verlangen bij Mats was groot naar een plakkerig glas op een met pils doordrenkt bierviltje.

Het gedonder begon echter al bij binnenkomst. “Hebben jullie gereserveerd?” vroeg de tamelijk chagrijnige ober, die zijn agressie duidelijk de afgelopen maanden geen plek had kunnen geven. Kan ik wat aan doen, dacht Mats, dat hij zo lang zonder inkomen had gezeten. Mats keek naar Theo, Theo keek naar Mats. Natuurlijk hadden ze niet gereserveerd, dit is hun stamkroeg. “Helaas, dan mag u niet naar binnen.” Boos dropen ze af, maar buiten pakte Theo direct zijn smartphone. Op het scherm zag Mats dat hij zojuist een reeks gebroken hart-emoji’s van vrouwlief had ontvangen en een zwik kuspoppetjes van ene Anna. Theo swipete het nonchalant opzij, toetste een nummer in en hield de telefoon bij zijn oor. “Oké, dan kom ik er nu aan.” Wat Theo van plan was, werd snel duidelijk. Hij liep terug naar binnen, stond weer oog in oog met dezelfde chagrijnige ober en zei: “Ik heb zojuist gereserveerd”. De ober ging er niet vrolijker van kijken maar de kameraden mochten naar binnen, mits ze naar tevredenheid antwoord gaven op een aantal bullshitvragen die geen enkel weldenkend mens die bier wil drinken verkeerd zal beantwoorden. Jáá ze waren gezond en néé ze hadden al een week niet geniest. Hup, naar binnen. 

Potverdomme, een rood lintje aan de bar. Wat was dat nou? “Welnu”, zei de barman die de slechtnieuwsgesprekken van collega ober had overgenomen, “als u aan de bar gaat hangen dan kan ik geen anderhalve meter afstand houden van jullie. Dat kan dus niet. En nu we het daar toch over hebben: kunnen jullie onderling ook de anderhalve meter aanhouden? Jullie staan nu wel erg dicht bij elkaar, zo krijgen wij boetes. Als u straks naar de wc wil, dan kunt u gebruik maken van de plasketting die ik achter de bar heb liggen. Zo weet ik zeker dat het daar niet druk wordt.” “Druk? Er is hier niemand…” probeerde Theo. De barman vervolgde stoïcijns: “Verder moeten we u ook meedelen dat we geen drankkaart hebben in verband met de corona. U kunt natuurlijk gewoon bij mij om advies vragen.” Er viel een lange stilte van pure walging bij de vrienden, die door de barman werd opgevuld met de confronterende woorden: “Corona, hè?” 

Mats moest terugdenken aan zijn reis naar Moskou, exact een jaar geleden. Niet vanwege de vreemde situaties, de diepe metro’s of de vrouwelijke aandacht die hij daar kreeg omdat de Russinnen begrijpelijkerwijs tamelijk waren afgeknapt op de alcoholistische mannen aldaar, maar vanwege de mindset van het barpersoneel. De barmannen in Moskou waren vooral bezig om hun gasten de hut uit te krijgen zodat zij hun toko op slot konden gooien. Onmiskenbaar een uitvloeisel van de communistische tijd. De ervaring moest zo slecht mogelijk zijn en daar begon het in zijn stamkroeg intussen ook op te lijken. Mats werd weemoedig van de gedachte aan reizen; hij voelde zich opgesloten in Nederland.

“Nou, santé dan maar, lul.” Mats schrok wakker uit zijn gedachten. Theo hield zijn flesje Corona bewust dichtbij zichzelf zodat ze niet hoefden te klinken, want dat zou de barman hen niet in dank afnemen. De barman had zich intussen tot dj ontpopt en het nummer ‘Don’t Stand So Close To Me’ van The Police op repeat gezet. Hij noemde het een friendly reminder. Mats realiseerde zich dat het grote voordeel van de afstandregel was dat hij nu niet steeds de Van Nelle-lucht van Theo hoefde te inhaleren. Nadeel was dat ze elkaar amper konden verstaan, te meer omdat de kroeg voller werd en de muziek harder ging staan.

“Hey eh, Anna komt zo.”
– “Wat zei je?”
“Wat?”
– “Wat zei je?”
“Ja ik zei: wat?”
– “Nee daarvoor!”
“Huh?”

Halfdronken schreeuwen naar elkaar op anderhalve meter werkt niet helemaal lekker, maar de boodschap werd Mats duidelijk toen hij een meid zag binnenkomen die zich zwaaiend vanaf anderhalve meter als Anna voorstelde. Anna was lang geleden Theo’s seksbuddy geweest, voordat hij trouwde. Theo had het advies van de RIVM op 14 mei, waarin ze zeiden dat lichamelijk contact logisch was en een seksbuddy of knuffelmaatje weer is toegestaan, wel erg letterlijk genomen; Theo was kennelijk direct Anna gaan appen. Ongetwijfeld was zijn verbanning uit huis dan ook een optelsom. Anna stond er een beetje ongemakkelijk bij. Door haar stonden ze nu in de intussen welbekende anderhalvemeterdriehoek. 

Toen Anna later met de plasketting op pad was, vroeg Theo wanhopig aan Mats: “Hoe moet ik haar versieren op anderhalve meter? Ik vind dit maar niks. Ik weet niet eens hoe ze ruikt.” Mats haalde zijn schouders op en prees hem gelukkig dat dit betekende dat zij hem daardoor ook nog niet had kunnen ruiken. Het leek Mats niet onverstandig, gezien de relatiestatus van Theo, als hij haar niet zou versieren. Mats’ poging om Theo een logeerbed bij hem aan te bieden werd weggelachen, waarna de barman schreeuwde dat het de laatste ronde was. De kroeg kon de anderhalvemeterafspraken niet langer handhaven en ging vervroegd sluiten. Voor Theo reden genoeg om de vraag der vragen te stellen aan Anna: “Zeg, wil jij vanavond mijn seksbuddy of knuffelmaatje zijn?” Anna bloosde, dacht dat het een meerkeuzevraag was, en fluisterde: “Knuffelmaatje”. Theo keek Mats vragend aan en vroeg “Zei ze nou seksbuddy?” Mats knikte. Ze zouden het samen wel oplossen.

De dag erop begon voor Mats met het lezen van een teleurstellend appje van Theo: Anna had aangegeven zich te willen houden aan de richtlijnen van het RIVM en had de hele nacht anderhalve meter afstand gehouden. Mats lachte in zijn vuistje bij het visualiseren van deze situatie. Hij moest zelf deze ochtend naar zijn schoonmoeder. Normaliter geen pretje, zeker niet met een kater, maar deze keer was het geluk aan zijn zijde. Zijn schoonmoeder wenste geen bezoek binnen en dus zat er niets anders op dan afstandskletsen bij haar voordeur. En zo stond hij samen met zijn vriendin in de deuropening wat steekwoorden te roepen naar zijn hardhorende schoonmoeder. Schoonvader probeerde het niet eens en bleef binnen voor de televisie zitten. Mats’ eigen moeder, die hij tijdens de pandemie amper zag, opteerde trouwens voor raamvisite, geïnspireerd op het wekelijkse uurtje raamgymnastiek dat ze tegenwoordig had. Mats vond het allemaal meer dan prima. 

“Ik vind het trouwens maar grote onzin” probeerde zijn schoonmoeder nog. Mats niet, hij zag voldoende voordelen van de anderhalvemetersamenleving. En bovenal was hij zeer gelukkig dat Macron onze premier niet was; die klootviool had er een éénmetersamenleving van gemaakt. Hooguit was Mats een klein beetje jaloers op de Spanjaarden. Zij kregen twee meter als advies mee. Zit je zeker veilig. 

Dit is een bijdrage van Mats. Lees alles over covidmuziek op deze plek: 19 maanden COVID-19 in 19 liedjes.